Schopenhauer en Nietzsche,
de gebroken-hartenrubriek van de filosofie
‘The consolations of philosophy’ van Alain de Botton (deel III)

By | januari 26, 2021

Mochten Arthur Schopenhauer en Friedrich Nietzsche het geluk in de liefde hebben gevonden, waren ze misschien wel verloren gegaan voor de filosofie… wie zal het zeggen? Zeker is dat Alain de Botton dat zonde had gevonden.

Schopenhauer om ons op te vrolijken

Van in de oudheid tot de in 19 de en 20 ste eeuw weet de Botton er die denkers uit te pikken voor wie de filosofie een antidotum is voor het leven. Het leven zit gammel in elkaar, filosofie kan helpen om overeind te blijven.

De Duitse filosoof Arthur Schopenhauer (1788 – 1860) is met stip de grootste filosofische zwartkijker. En daarom misschien wel best geschikt om ons op te vrolijken, aldus de Botton.

Schopenhauer had zich als kind bepaald niet aan de ouderlijke liefde kunnen koesteren. Toen zijn vader zelfmoord pleegde, was de zeventien jarige Arthur meteen voorzien van een fors fortuin.

Die bizarre start droeg er misschien wel aan bij dat hij het leven een verloren zaak vond. In de liefde kon hij evenmin geloven, hij vond het niet echt de moeite om zijn geluk te beproeven. Tijdens een reis door Italië ontmoette hij meerdere knappe vrouwen die niets van hem wilden weten. Zodat Schopenhauer als dertiger besloot dat ‘het mannelijk intellect wel door de seksuele impuls moest zijn versluierd om de ondermaatse, smal geschouderde wezens met brede heupen en korte benen de mooie sekse te noemen’.

Poedels

Toch werd hij verliefd en nog wel op een negentienjarig zangeresje. Schopenhauer wenste haar niet te trouwen want het huwelijk zag hij als de uitgelezen manier om de pest aan elkaar te krijgen. Wel ging hij liefdevol om met zijn opeenvolgende poedels.

Schopenhauers moeder vond het alvast niet bevorderlijk voor de mentale gezondheid van haar zoon dat hij lange perioden alleen in zijn kamer doorbracht. Van zijn kant merkte de filosoof op dat, wanneer hij dan toch met mensen sprak, hij dat deed zoals een klein meisje dat met haar poppen praat. Het kind weet heel goed dat de poppen haar niet begrijpen, wat haar niet belet er hele gesprekken mee te voeren.

Ondanks het gebrek aan belangstelling voor zijn publicaties en voor zijn lessen filosofie aan de universiteit van Berlijn bleef Schopenhauers eigendunk overeind. Een tweede uitgave van zijn belangrijkste werk, ‘De wereld als wil en representatie’, droeg hij op aan ‘de mensheid’. In zijn voorwoord noteerde hij dat het boek niet zonder waarde zal blijken te zijn, ook al zal er tijd verstrijken voor dat wordt herkend.

De rede onttroond

Van filosofen zou je verwachten dat ze het verstand, de redelijkheid, boven alles hoog achten. Dat is precies wat Schopenhauer niet deed. Volgens hem is de wil om te leven de dominante kracht en snijdt die alle redelijke argumenten de pas af.

De wil om te leven en om zich voort te planten drijft ieder mens. Zelfs de meest naargeestige kniesoor vecht voor zijn leven als het wordt bedreigd. En de meest rationele man of vrouw wordt als het erop aankomt verliefd op iemand die zijn eigen gebreken compenseert, zodat de nakomelingen een soort van goed compromis vormen.

Romantiek is ver te zoeken in Schopenhauers opvattingen, evenals duurzame liefde. Immers,  verliefdheid dient slechts de procreatie en niet ons eigen geluk. Het hoeft dan ook niet te verbazen dat partners op elkaar uitgekeken raken en zich stierlijk vervelen, aldus Schopenhauer, of dat de kinderen hen na de eerste euforie behoorlijk op de zenuwen werken.

Schopenhauer die veel over natuurkunde las en wist, zag dat alle diersoorten met hetzelfde bezig zijn, overleven en zich voortplanten. Mensen zijn niet zoveel beter af als blinde mollen in hun klamme, smalle gangen. Volgens de pessimistische filosoof zou het beter zijn om jonge mensen al heel vroeg af te helpen van het idee dat het leven een zin zou hebben.

Relativeren

De Botton vindt niettemin dat mensen heel wat op mollen voor hebben. Ze kunnen wel uit de duisternis komen en bijvoorbeeld ’s avonds naar theater gaan of een goed boek lezen. Hij wijst erop dat Schopenhauer zelf ook wat verheffende dingen achter de hand hield, hij had een enorme appetijt, speelde graag dwarsfluit, genoot van concerten en bewonderde de tijdgenoot en schrijver Goethe. Hij wist dus heel goed welke rol die dingen in een mensenleven spelen.

Literatuur en filosofie zetten onze diepmenselijke, vaak teleurstellende ervaringen, in een breder perspectief. We krijgen inzicht en voelen ons minder alleen met de moeilijkheden die eigen zijn aan het leven zelf. We voelen ons minder bedrukt door ons eigen individuele lot als we beseffen dat het parallel loopt met het lot van de mensheid. We lijden minder en worden wijzer, aldus Schopenhauer. Een geluk uit de duizend is zeldzaam maar met een ongeluk ben je zelden alleen.

Nietzsches filosofie voor het derde millennium

De Duitse filosoof Friedrich Nietzsche leefde in de tweede helft van de 19de eeuw en had met Schopenhauer gemeen dat hij zichzelf als een filosoof voor de toekomst zag. Zo rond het jaar 2000 zou hij met aandacht en begrip worden gelezen.

De Botton vindt heel wat overeenkomsten tussen Schopenhauer en Nietzsche. Om te beginnen, in hun eigen tijd verkochten hun boeken voor geen meter. Tenzij aan zonderlingen.

Zo kocht Nietzsche het boek ‘De wereld als wil en representatie’ van Schopenhauer in een tweedehands boekenwinkeltje. Het lezen daarvan zette Nietzsche op de weg naar de filosofie. Nietzsche deelde met Schopenhauer de gedachte dat het er vooral op aankwam om ongeluk en pijn te vermijden, eerder dan tevergeefs geluk na te streven. Een ander punt van overeenkomst tussen de twee Duitse filosofen vormden de bezorgde moeders. Ook moeder Nietzsche maakte zich zorgen over haar zoon en raadde hem aan ‘zijn hart aan God toe te vertrouwen en vooral goed te eten’.

Het goede leven

Een belangrijk verschil tussen Schopenhauer en Nietzsche was dat de eerste er financieel warmpjes bij zat en Nietzsche zijn hele leven arm is geweest. Nietzsches vader was predikant en stierf toen Friedrich slechts vier jaar oud was maar zonder hem een fortuin na te laten zoals Schopenhauers vader had gedaan voor de jonge Arthur. Nietzsche hield van zijn vader maar niet van het Christendom. Hij zwoer het af als verdorven, net als alcohol. ‘Beiden maken zwak en doen mensen geloven dat ze niet aan zichzelf en hun project moeten werken.’

Toen Nietzsche de leerstoel van klassieke talen aan de universiteit van Basel in Zwitserland kreeg, raakte hij bevriend met de componist Richard Wagner en zijn vrouw Cosima. Het was de verering van de pessimistische en voorzichtige wijsheid van Schopenhauer die hen samenbracht.

Maar het kan keren en wel door toedoen van een dame. Nietzsche aanvaardde een uitnodiging van de rijke Duitse schrijfster Malwida von Meysenbug om samen met andere vrienden een tijd door te brengen in een villa in Sorrento. De zon, het lekkere eten en de leuke bezigheden verzoenden Nietzsche helemaal met ‘het goede leven’. Schopenhauer werd afgezworen. De moeilijkheden die een mens op zijn pad vindt, vormen slechts een stap naar iets beters, naar een vervuld leven, aldus de nieuwe leidraad in Nietzsches leven.

De storm doet de boom groeien

Nietzsche had een aantal voorbeelden in zijn hoofd van mensen die een vervuld leven hebben geleid. Helaas, zo moest hij toegeven, waren de mensen om wie hij echt gaf allemaal dood.

Michel de Montaigne was er een van en ook de schrijvers Wolfgang von Goethe en Stendhal.

Het ging om vurige en bezige mannen die volop in het leven stonden.

Na overpeinzingen omtrent de levens van zijn voorbeelden kwam Nietzsche tot de vaststelling dat plezier en ongemak zo sterk met elkaar verbonden zijn dat het ene niet zonder het andere kan. Een boom die een trotse hoogte wil bereiken, ziet af van slecht weer en stormen maar die creëren tegelijk de goede omstandigheden voor groei.

Nietzsche had niet het idee dat succes vlotjes moet komen. Altijd is er een moment waarop afgunst, schaamte, pijn en vernedering de bovenhand halen. Het is zaak om dan niet af te haken want dan zou de kans op slagen wel eens echt verkeken kunnen zijn. Ter illustratie verwijst Nietzsche naar de Montaigne en Stendhal van wie de eerste teksten povertjes waren en naar de onvolmaakte schetsen van de Italiaanse renaissance kunstenaar Raphaël. Talloze pogingen en verbeteringen hebben tot de uiteindelijke meesterwerken geleid. Teksten en schilderijen ontstaan niet uit het niets maar na leren, zwoegen en ploeteren.

Verheven gedachten

Nietzsche was een man van de bergen. Hij beweerde dat zijn filosofie over hun toppen loopt. In Ecce Homo schreef hij: ‘Hij die weet hoe de lucht van mijn geschriften in te ademen weet dat het een lucht van hoogten is, een robuuste lucht. Men moet er voor gemaakt zijn, zo niet riskeert men kou te vatten. Het ijs is dichtbij, de eenzaamheid is vreselijk – maar hoe vredig liggen alle dingen in het licht! Hoe vrij kan men ademen! Hoe veel ligt er niet beneden! Filosoferen, zoals ik het tot nu toe heb begrepen en beleefd, is uit vrije wil in het ijs en de hoge bergen leven.’

Om Nietzsches filosofie te begrijpen, kun je best met een aangepaste uitrusting de Piz Corvatsch bij Sils-Maria beklimmen, zo meent de Botton. Pas dan begrijp je waarom de filosoof de moeilijkheden opzocht en zich van Schopenhauers vermijdingsgedrag afkeerde. De Botton ervoer op de top een buitengewone stilte en voelde zich in de ijle lucht diep gelukkig om zoveel schoonheid bij elkaar te zien. Een kabelbaan brengt je nu in 20 minuten naar boven maar dan mis je de moeizame klim en bijna zeker Nietzsches punt.

Zelf droeg hij altijd een potlood en een in leder gebonden notitieboek mee wanneer hij wandelde. ‘Enkel gedachten die tijdens het wandelen opkomen, hebben enige waarde’, meende de wandelende filosoof.

Übermenschen

Net als Schopenhauer was Nietzsche een eenzaat. Noodgedwongen wel want hij vond Epicurus’ idee om tussen vrienden te leven geweldig. Zelf evenwel voelde hij zich veroordeeld tot een bestaan als heremiet met slechts occasioneel de kans om met een verwante geest te praten.

Met vrouwen verliepen de relaties al even stroef. Nietzsche was nochtans vatbaar voor verliefdheid en de ontmoeting met de Duits-Russische schrijfster en psychoanalytica Lou Andreas Salomé deed hem fataal ontvlammen. Haar intelligentie en belangstelling voor zijn denkbeelden lieten hem geloven dat zij met hem moest trouwen. Salomé wees Nietzsche herhaaldelijk af want ze wilde vooral vrij zijn en voor zichzelf denken.

Nietzsche vocht hard om gelukkig te worden, schrijft de Botton. Maar het zat hem niet mee, hij was eenzaam, arm en ziekelijk. Zelf steeds omringd door moeilijkheden bleef hij in het  goede leven geloven en was het zijn wens om mensen te troosten. Hen duidelijk te maken dat moeilijkheden bij het leven horen en ze de weg naar vervulling plaveien.

Moeilijkheden overwinnen, jezelf realiseren, de oude ideeën en de gemakkelijke oplossingen verlaten, dat alles moet op termijn leiden tot het ontstaan van een nieuwe soort mens, de Übermensch, een hoger soort mens. Het begrip uit Nietzsches filosofie is mijlenver verwijderd van de connotatie die het kreeg na de recuperatie door de nazi’s.

De Botton sluit zijn overzicht van troostende filosofen af met een citaat van Nietzsche:

‘Moeilijkheden zien als verwerpelijk, als iets dat moet worden afgeschaft, is de grootste idiotie, in het algemeen een echte ramp wat de gevolgen betreft… haast zo dom als de wens om slecht weer af te schaffen.’

The Consolations of Philosophy
Uitgever: Penguin Books Ltd
Auteur: Alain de Botton Alain de Botton
Engels – Paperback – 9780140276619
Druk: New ed – maart 2001 – 272 pagina’s